0,2 mm is de maat voor miniaturen, fijne tekst en pasvlakken. De baan wordt smaller, de laaghoogte daalt naar ongeveer 0,05 tot 0,15 mm en de printtijd neemt navenant toe. Kalibratie en droog filament zijn hier sterker bepalend voor het resultaat dan bij elke grotere nozzle.
Wat er verandert
Bij 0,2 mm ligt de zinvolle laaghoogte tussen 0,05 en 0,15 mm. Een object van 5 cm hoog heeft daardoor enkele honderden lagen nodig. Reken op een vier- tot achtvoudige printtijd ten opzichte van 0,4 mm.
Kalibratie wordt een vereiste
Een fout van 0,05 mm in de nozzleafstand is bij een laaghoogte van 0,2 mm een kwart van de laag. De eerste laag, het debiet en de extruderstappen moeten worden ingemeten voordat de nozzle überhaupt wordt gemonteerd.
Verstopping
De opening raakt sneller verstopt dan die van elke grotere nozzle. Verbrande filamentresten, stof op het filament en vocht zijn al voldoende. Droog het filament vóór het printen en plaats een filamentfilter bij de ingang. Bij een verstopping helpt een reinigingsnaald van 0,2 mm, geen boor.
Temperatuur verlagen
De volumestroom is klein en de smelt blijft langer in het hete kanaal. Ongeveer 5 tot 10 °C onder de waarde voor 0,4 mm voorkomt dat het materiaal in de hotend degradeert en koolstofdeeltjes de opening verstoppen.
Wanneer de maat niet de moeite waard is
Grote oppervlakken en massieve objecten. De extra details zijn daar niet zichtbaar, maar de printtijd wel.