Filament van Creality in 1,75 mm: PLA-varianten voor alledaags printen, CR-PETG voor onderdelen die warmte en vocht aankunnen, plus de Hyper-lijn voor snelle printers. De keuze wordt bepaald door de materiaalbasis en door het mondstuk dat in het apparaat zit.
PLA en de Hyper-lijn
PLA print bij ongeveer 190 tot 220 °C, krimpt nauwelijks en heeft geen behuizing nodig. De Hyper-varianten zijn afgestemd op een hoge volumestroom en smelten sneller, zodat printers met hoge versnellingen geen onderextrusie vertonen. Op langzame machines levert dat geen voordeel op, maar het blijft daar wel printbaar.
CR-PETG
PETG is taaier dan PLA en blijft tot ongeveer 70 °C vormvast. Het print bij ongeveer 230 tot 250 °C, trekt meer draden en moet droog zijn. Voor bevestigingen in de auto of onderdelen voor buiten is dit de verstandigere keuze.
RFID op de spoel
Sommige rollen bevatten een chip met het materiaaltype en de kleur. Printers met een RFID-lezer nemen de waarden automatisch over in de slicer. Zonder lezer in het apparaat gedraagt de rol zich als elke andere.
Wanneer een gehard mondstuk nodig is
Vezelversterkte filamenten met carbon of glas slijten een messing mondstuk binnen enkele kilo's uit. Daarvoor zijn gehard staal of een robijnpunt nodig. Voor ongevuld PLA en PETG volstaat messing van 0,4 mm.