Laagverschuivingen bij de Creality K1 Max oplossen
Laagverschuivingen (Layer Shifting) behoren tot de meest voorkomende printproblemen: de lagen liggen niet meer precies boven elkaar, maar worden verschoven geprint. Veelvoorkomende oorzaken zijn losse riemen, te hoge snelheden of mechanische problemen. Zo vind en los je de oorzaak op.
Veelvoorkomende oorzaken
- Losse of ongelijkmatig gespannen riemen op de X- of Y-as.
- Te hoge snelheids- of acceleratiewaarden waar de motoren niet aan kunnen voldoen.
- Blokkades door stof, vuil of kabelproblemen in de bewegingsmechanismen.
- Oververhitte stappenmotoren die daardoor kracht verliezen.
- Losse of defecte motoraansluitingen/driver.
- Trillingen door een onstabiele ondergrond.
Stap voor stap naar een oplossing
1. Riemen controleren en spannen
De riemen moeten strak, maar niet te strak zijn. Een te losse riem slipte door, een te strakke verhoogt de weerstand. Via de spanners aan de uiteinden van de assen kun je ze aanspannen – altijd beide zijden gelijkmatig.
2. Snelheid en acceleratie aanpassen
De K1 Max is als Klipper-gebaseerde high-speed printer fabrieksmatig ingesteld op zeer hoge acceleratiewaarden (fabrikant: tot 20.000 mm/s² en 600 mm/s printsnelheid). Bij laagverschuivingen is meestal niet de fabrieksinstelling het probleem, maar extra verhoogde waarden in eigen profielen of een mechanische oorzaak (riemen, trillingen). Verlaag in dat geval eerst de printsnelheid in kleine stappen, in plaats van direct over te schakelen op generieke waarden van andere (niet high-speed) printers.
3. Input Shaping gebruiken
Aangezien de K1 Max met Klipper werkt, vermindert de geïntegreerde Input-Shaping-functie (via een versnellingssensor in de printkop) trillingen en ringing automatisch. Is deze kalibratie verouderd of nooit uitgevoerd, dan kan een nieuwe Input-Shaper-kalibratie via het printermenu laagverschuivingen door resonanties aanzienlijk verminderen.
4. Blokkades verwijderen
Maak geleidestangen, riemen en rails regelmatig schoon en breng indien nodig een geschikt smeermiddel aan, zodat de printkop vrij kan bewegen.
5. Motoren en aansluitingen controleren
Controleer of de stekkers van de stappenmotoren goed vastzitten. Oververhitte of defecte motordrivers kunnen ook voor verschuivingen zorgen – controleer of aanwezige koellichamen/ventilatoren bij de motoren goed werken.
6. Trillingen minimaliseren
De printer moet op een stabiele, vlakke ondergrond staan. Bij een onrustige ondergrond helpen trillingsdempers onder de printervoeten.
Preventieve maatregelen
- Riemen regelmatig controleren en aanspannen.
- Geleidingen en rails schoon houden.
- Printer op een stabiele ondergrond plaatsen.
- Filament zonder verwikkelingen van de spoel laten afrollen om trek aan de printkop te voorkomen.